Ga direct naar: Hoofdmenu

Ga direct naar: Submenu

Ga direct naar: Inhoud

Ga direct naar: Zoeken

Ga direct naar: Gerelateerde items

Ga direct naar: Meta navigatie

U bent hier

Inhoud

3.6 Maatregelen: de regionale bodemsaneringsoperatie

Er zijn 21 humane spoedlocaties geïdentificeerd in Schiedam, Ridderkerk en Rotterdam. In 2010 is in de regio begonnen diverse bodembeleidsdocumenten te herzien en hebben Schiedam en Vlaardingen bodembeheernota’s vastgesteld. Het aantal beschikkingen Wet bodembescherming en BUS-meldingen (Besluit Uniforme Saneringen) in de regio nam af door de afgenomen bouwactiviteit. De sturing van de bodemsaneringsoperatie bij bedrijven blijft problematisch en de Bedrijvenregeling bodemsanering werkt hierbij onvoldoende stimulerend. Verbreding van het bodembeleid is nodig om te komen tot duurzaam bodembeheer in de regio; vooral de grondwaterproblematiek in stedelijke gebieden is urgent. Tot slot is het hergebruik van (licht) verontreinigde grond uit bouwputten en infrastructuurprojecten zo gereguleerd dat de bodem niet (verder) verontreinigd raakt.

3.6.1 Het bodemsaneringsbeleid van het Rijk

In 2009 ondertekenden het toenmalige ministerie van VROM, (nu Infrastructuur en Milieu het Interprovinciaal Overleg (IPO), de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) en de Unie van Waterschappen (UvW) een Convenant Bodemsanering met beleidskaders en afspraken (Klik hier voor toelichting op het Convenant). Omdat IPO en VNG zich grote zorgen maken of de rijksgelden voor bodemsanering wel toereikend zijn, hebben zij afgesproken medio 2011 een midterm review te houden. Op basis van de dan bekende werkvoorraad humanespoedlocaties kunnen zij dan bezien of sanering hiervan voor 2015 haalbaar is.

(Klik voor de tekst bij de indicatoren op de afbeelding.)

3.6.2 Het regionale bodemsaneringsbeleid

Vanwege wijzigingen in de wet- en regelgeving wordt in de regio Rijnmond het bodembeleid herzien. Zo zijn de provincie en de gemeenten die eveneens bevoegd gezag zijn voor de Wet bodembescherming, in Rijnmond Rotterdam en Schiedam, in 2010 begonnen het Gezamenlijke Bodemsaneringsbeleid Zuid-Holland (BOBEL) te herzien. Schiedam en Vlaardingen hebben in 2010 een nota Bodembeheer vastgesteld, die voorziet in de invoering van het Besluit en de Regeling bodemkwaliteit. Ook Rotterdam is bezig zijn bodembeheernota te herzien; in 2010 heeft Rotterdam de ontwerpnota Actief Bodem- en Baggerbeheer opgesteld en ter visie gelegd voor inspraak. Inmiddels maakt de gemeente plannen om ook de regionale nota Actief Bodem- en Baggerbeheer te herzien. Dit project zal in 2011 starten.

Figuur 3.3: Beheergebied haven

PDF document (klik hier voor de afbeelding in pdf-formaat)

In opdracht van of door de bevoegde gezagen in de regio, de provincie Zuid-Holland en de gemeenten Rotterdam en Schiedam is een overzicht gemaakt van alle humanespoedlocaties in de regio. In Schiedam betrof het zeven spoedeisende locaties en in Ridderkerk één. In Rotterdam is het aantal te evalueren bodemrapporten en potentiële puntbronlocaties zo groot, dat het niet mogelijk bleek voor 2011 de werkvoorraad volledig in beeld te brengen. Tot nu toe zijn hier 13 humane spoedlocaties geïdentificeerd. Circa 2000 locaties moeten nog worden beoordeeld; daarvan zijn er naar verwachting minder dan 20 locaties humaan spoedeisend. Per juli 2011 zal ook Rotterdam zijn spoedlijst gereed hebben.

In 2010 hebben de gemeente Rotterdam, het Havenbedrijf Rotterdam en de DCMR gewerkt aan de invoering van het Beleid gebiedsgericht grondwaterbeheer havengebied. Er ligt inmiddels een beleidsnotitie voor bestuurlijke vaststelling voor het deelgebied Botlek-Oost. Daarnaast wordt een monitoringplan voor het grondwater uitgewerkt. Ook wordt een juridische analyse uitgevoerd om te bezien hoe de financiële en bestuurlijke risico’s te beperken zijn. Voor de uitvoering van al deze activiteiten heeft het ministerie van I&M aan de gemeente Rotterdam voor de periode 2010 – 2015 totaal 30 miljoen euro toegekend.

3.6.3 Bodemonderzoek en sanering

De meeste bodemsaneringen in de regio worden uitgevoerd vanwege bouw- of herinrichtingsplannen. Werken in samenloop met bouwen en/of herinrichting is immers het meest efficiënt en kosteneffectief. In beperkte mate verrichten bedrijven en overheden ook milieusaneringen. De financiering van historische bodemsaneringsgevallen komt voor ruim de helft uit de markt en verder uit door het Rijk beschikbaar gestelde gelden voor de stadsvernieuwing.

De bodemsaneringsoperatie volgt meestal de planning van stadsvernieuwing en bouwprojecten. De bodemsaneringsoperatie loopt vertraging op doordat de bouw van nieuwe woningen en bedrijfsgebouwen sinds enkele jaren sterk is teruggelopen vanwege de economische crisis en de overcapaciteit op de markt.

In 2010 is een veel kleiner oppervlak aan grond gesaneerd dan in de jaren daarvoor. Omdat er de komende jaren waarschijnlijk blijvend weinig gebouwd wordt, geeft 2010 naar verwachting de trend voor de komende jaren weer.

(Klik voor de tekst bij de indicatoren op de afbeelding.)

3.6.4 Effecten bodemsaneringsbeleid

Al sinds 1987 voeren alle bevoegde gezagen in de Rijnmondregio een functioneel bodemsaneringsbeleid. Doel hiervan is niet zozeer alle verontreinigde grond en grondwater volledig te saneren, maar deze zover te saneren dat er geen ernstige risico’s bestaan voor de gebruikers van de bodem, het (bodem)ecosysteem en het grondwater. Bodemverontreiniging wordt alleen nog verwijderd wanneer dit vanwege de bodemsituatie en/of te realiseren bouwputten doelmatig is. In deze functionele benadering staat de vraag centraal welke gebruiksfuncties van de bodem onder welke omstandigheden nog realiseerbaar zijn. Met de minimum bodemkwaliteitseisen kan het gewenste gebruik worden gerealiseerd. Zie www.msronline voor de theorie over de functionele bodemsaneringstrategie. Met de minimum bodemkwaliteitseisen kan het gewenste gebruik worden gerealiseerd. (Klik hier voor de theorie over de functionele bodemsaneringstrategie).

Ontgraven bodemsaneringsgrond (bosa-grond) wordt zoveel mogelijk gereinigd en daarmee geschikt gemaakt voor hergebruik. Alleen als reinigen te duur is of niet technisch haalbaar, wordt grond gestort. Eventueel wordt grond tijdelijk opgeslagen vóór reiniging of hergebruik.

(Klik voor de tekst bij de indicatoren op de afbeelding.)

© DCMR. Content is onder voorbehoud. zondag 20 mei 2012 17:22:14