6.6 Maatregelen
In deze paragraaf staat per beleidsveld aangegeven welke bron-, overdrachts- of gevelmaatregelen getroffen zijn om de blootstelling te minimaliseren.
6.6.1 Beleid
Het Actieplan omgevingslawaai geluid bevat het beleid van de provincie om voor lawaaiige wegen in de nabijheid van woningen stille, dunne deklagen aan te brengen. De Provinciale Milieuverordening bevat beleid voor milieubeschermingsgebieden voor de stilte, de ‘stiltegebieden’.
De luchthaven Rotterdam-The Hague Airport opereert onder een aanwijzing van de minister. De luchthavens helihaven ECT, Erasmus en Maasstad opereren conform de luchthavenregeling van de provincie Zuid-Holland. In de provinciale structuurvisie is vastgelegd dat binnen een zekere straal rondom Rotterdam-The Hague Airport geen nieuwbouw mag plaatsvinden anders dan lokale verdichting en vervangende nieuwbouw.
De stadsregio en de gemeente Rotterdam hebben in 2010 het Beleidskader en Maatregelpakket Duurzame Mobiliteit vastgesteld. De doelstelling is het aantal geluidgehinderden in 2025 ten opzichte van 2006 met 30% te verminderen. Hiertoe stimuleren zij ook om geluid vroegtijdig in RO-processen op te nemen via de Handreiking Bouwen op geluidbelaste locaties. Maatregelen die hieruit voortvloeien staan in volgende MSR-rapporten beschreven.
De Wet geluidhinder biedt gemeenten de mogelijkheid geluidgevoelige nieuwbouwlocaties met hoge belaste gevels vanwege geluid (hoger dan wettelijk is toegestaan) te realiseren, wanneer zij voor deze ontwikkeling de (proces)vereisten van de Interimwet stad-en-milieubenadering7 toepassen. Het gemeentelijk beleid in de regio Rijnmond valt buiten de focus van de regionale MSR-rapportage. Klik hier voor toelichting op de Interimwet Stad-en Milieubenadering.
In de signaalkaart geluid van de vorige paragraaf staan de geluidscontouren weergegeven. De geluidbronnen die de contouren veroorzaken zijn wegverkeer, spoorwegverkeer, industrie en vliegverkeer. Hieronder staan de zonebeheerders van de industrieterreinen, wat niet in de signaalkaart tot uiting komt.
![]() |
Figuur 6.1 Ligging van de gezoneerde industrieterreinen (exclusief Maasvlakte 2)
(Klik hier voor een pdf-document van de afbeelding.)
6.6.2 Bronmaatregelen
Bronmaatregelen zijn het meest effectief. Door bronmaatregelen verbetert zowel het buitenklimaat als het binnenklimaat in de geluidgevoelige bestemmingen, waaronder woningen. Over het algemeen geldt dat hierdoor de blootstelling aan geluid direct wordt aangepakt en het aantal gehinderden direct verlaagd wordt. Per bronsoort zijn bronmaatregelen mogelijk. Voorbeelden van mogelijke bronmaatregelen vindt u per geluidbron in de handreiking "bouwen op geluidbelaste locaties". Deze handreiking is te vinden op de website van de Stadsregio.
Luchtvaart
De provincie Zuid-Holland verleende in 2010 binnen de gehele provincie 153 ontheffingen ‘tijdelijk en uitzonderlijk gebruik van een terrein voor luchtvaart’. Er komt naar verwachting in de zomer van 2011 een nieuwe aanwijzing voor Rotterdam-The Hague Airport.
Spoorwegverkeer
Het rijksbeleid is ‘stil’ materieel in te zetten. Door de lange vervangingstermijnen rijdt er nog een mix van luide en minder luide treinen over het landelijke spoorwegennet.
Wegverkeer
Bronmaatregelen voor het wegverkeer zijn het gebruik van ‘stille banden’ en het gebruik van elektrische voertuigen. Met stille banden rijden auto’s en vrachtauto’s stiller.
Zeer Open Asfalt Beton (ZOAB) is stiller dan gewoon beton. Het beleid is erop gericht ZOAB als deklaag op de doorgaande wegen toe te passen. In de regio Rijnmond ligt overal ZOAB op wegen in beheer van het Rijk. De provincie heeft van de circa 27 wegvakken die mogelijk in aanmerking komen voor maatregelen (dunne stille deklagen), inmiddels acht wegvakken voorzien van stil asfalt (een deel van N218).
Indien gewenst kan een gemeente jaarlijks de voortgang van de aanleg van stil wegdek monitoren, op basis van onder andere gegevens die de gemeente zelf bijhoudt en op basis van de Regionale VerkeersMilieuKaart (RVMK). In de MSR rapportage 2012 zijn naar verwachting alle benodigde data beschikbaar om hier indicatoren over op te nemen.
De EU-richtlijn Omgevingslawaai schrijft voor dat agglomeratiegemeenten een actieplan opstellen waarin aangegeven staat welke maatregelen ze gaan treffen om geluidknelpunten op te lossen en gebieden met een goede akoestische kwaliteit beschermen. Een door veel gemeenten in het actieplan opgenomen maatregel is het toepassen van stil wegdek. Zie hiervoor de onderstaande indicatoren waarin per gemeente is gerapporteerd. De data zijn gebaseerd op cijfers van 2009, recentere gegevens (over 2010) zijn niet beschikbaar.
![]() | ![]() |
![]() | ![]() |
(Klik voor de tekst bij de indicatoren op de afbeelding.)
6.6.3 Ruimtelijke- of overdrachtsmaatregelen
Indien bronmaatregelen – om wat voor reden ook – onwenselijk zijn, is het van belang het geluid in het gebied tussen de ontvangers en de bron zodanig tegen te houden dat bij en rondom de ontvangers nog steeds sprake kan zijn van een optimaal buiten- en binnenklimaat. Dit kan op vier manieren:
- het plaatsen van geluidschermen tussen de bron en ontvangers;
- het houden van afstand tot de bron;
- nieuwbouwplannen zodanig ruimtelijk te ontwerpen dat er een optimaal buiten- en binnenklimaat rondom respectievelijk in de geluidsgevoelige bestemmingen ontstaat. Zie hiervoor de aanbevelingen in 6.8;
- andere soorten ruimtelijke maatregelen zijn het aanwijzen van (aanvullende) stiltegebieden en het stellen van eisen aan bouwplannen.
De provincie voert begin 2011 een onderzoek uit naar de beleving van rust en stilte van deze gebieden. Monitoring van de omvang en geluidbelast oppervlak van de stiltegebieden is mogelijk maar wordt niet uitgevoerd. Dit geldt eveneens voor de beleving van stiltegebieden.
Ook gemeenten kunnen in lijn met de EU-richtlijn Omgevingslawaai stiltegebieden aanwijzen. De agglomeratiegemeenten in de regio Rijnmond hebben dit niet gedaan. Binnen de gemeente Rotterdam loopt vanaf 2010 een onderzoek naar de geluidbelasting en de beleving van parken en stille gebieden in de stad. De resultaten zijn medio 2011 beschikbaar.
Gemeenten stellen eisen aan bouwplannen wanneer zij een ontheffing van hogere waarden verlenen op basis van de Wet geluidhinder. Veel gemeenten hebben aanvullende eisen waaronder een geluidluwe gevel en/of buitenruimte. Op deze site is te vinden welke gemeenten binnen de regio Rijnmond aanvullend beleid hebben vastgesteld in verband met het verlenen van hogere waarden. Klik hier voor een toelichting op welke gemeenten binnen de stadsregio Rijnmond aanvullend beleid hebben vastgesteld.
6.6.4 Gevelmaatregelen
Maatregelen treffen aan de gevel vormt een belangrijk sluitstuk van het beleid ter bestrijding en voorkoming van geluidhinder om het binnenklimaat van geluidgevoelige bestemmingen binnen wettelijke kaders te houden.
Saneringsopgave
De sanering industrielawaai is afgerond. Gemeenten en het Rijk hebben gezamenlijk nog de wettelijke verplichting woningen met een te hoge geluidbelasting vanwege een weg of spoorweg te saneren. Bij het van kracht worden van de Wet geluidhinder is bepaald dat een gemeente alle bestaande woningen met een geluidbelasting hoger dan 60 dB(A) vanwege wegverkeer en 65 dB(A) vanwege spoorwegverkeer moest melden aan het Rijk (de zogenaamde A-, B- en Raillijsten en de Eindmeldingen). De peildatum voor wegverkeer is 1 maart 1986 en voor spoorwegverkeer 1 juli 1987. Het rijk beschouwt niet-gemelde woningen niet als een saneringssituatie en deze komen dus niet in aanmerking voor financiering. Gemeenten blijven echter wel verantwoordelijk voor deze woningen. In de regio Rijnmond zijn de gemeenten Rotterdam en Schiedam ‘rechtstreekse gemeenten’ en krijgen een budget voor deze sanering direct van het rijk. De overige gemeenten zijn ‘projectgemeenten’ en krijgen een budget via de provincie. Op dit moment zijn onderhandelingen gaande over het budget en het aantal te saneren woningen voor de periode 2010-2014 tussen gemeenten en rijk of provincie. In het volgende MSR-rapport worden de aantallen per gemeenten en de voortgang hiervan gerapporteerd.
Dove gevel
De Wet geluidhinder biedt de mogelijkheid geluidgevoelige nieuwbouwlocaties met hoge geluidbelaste gevels (hoger dan wettelijk is toegestaan) met een ‘dove’ gevel uit te voeren. Dat is een gevel waarin geen openingen (te openen ramen) zitten, zodat deze optimaal tegen geluid beschermt. Gegevens over het aantal toepassingen van deze uitzonderingsbepaling ontbreken echter.






