7.3 Bereikbaarheid en recreatiekwaliteit
Groen is van groot belang voor inwoners van de regio, maar de biodiversiteit is hierbij geen doel op zich: een goed functionerend ecosysteem is minstens zo belangrijk want dit levert aantrekkelijk groen op. De focus ligt daarom op het behoud en creëren van nieuwe leefgebieden in combinatie met toegankelijke groene recreatie. We onderscheiden groen om en groen in de gebouwde omgeving.
Groen om de gebouwde omgeving
Uit onderzoek zoals onder andere beschreven in het Compendium voor de Leefomgeving2, blijkt dat de beschikbaarheid van groen voor recreatief gebruik tekortschiet. Programma’s als Recreatie om de Stad (RodS) zijn erop gericht deze tekorten te verminderen. Dit programma is eind 2010 stilgelegd wegens bezuinigingen. Tevens is er de laatste jaren aandacht voor het herstellen en versterken van de relatie tussen het buitengebied en de stad; dit gebeurt onder de noemer stadslandbouw: een sterke multifunctionele landbouw met o.a. natuurbeheer, zorgboerderijen, allerlei activiteiten voor scholen en stedelingen en vermarkten van de producten in de steden. Een andere manier om de relaties tussen het buitengebied en de stad te verbeteren, is de realisatie van stad-landverbindingen. Zie ook www.compendiumvoordeleefomgeving.nl.
Het Regionaal Groenblauw Structuurplan 2 (RGSP) streeft naar een samenhangende structuur van groen- en recreatiegebieden in de regio. Het RGSP2 is in samenwerking tussen de provincie Zuid-Holland en de stadsregio Rotterdam opgesteld en vormt onderdeel van het Ruimtelijk Plan Regio Rotterdam 2020.
(Klik voor de tekst bij de indicator op de afbeelding.)
Hoewel de planvorming van veel eerste prioriteitsprojecten een eind op streek is, zijn de doelstellingen niet gehaald (de doelstelling voor fietspaden is onder andere niet volledig gehaald: er is ruim vijftien kilometer aangelegd in plaats van achttien). Voor 434 hectare bestaat er risico op vertraging doordat bestuurlijke beslissingen over financiering en grondverwerving uitblijven. Dit betreft de gebieden Hoekse Park, Oranjebuitenpolder en Bonnenpolder. Deze knelpunten zijn op korte termijn niet oplosbaar. Door het stilleggen van de rijksfinanciering is het onzeker of de geplande groengebieden nog allemaal worden gerealiseerd (zie voor meer informatie www.stadsregio.info).
De tekorten aan groen zijn niet te verhelpen binnen de grenzen van de regio. Groen blijkt steeds moeilijker te financieren. Daarnaast is het geen reële afweging om het gehele buitengebied met bossen te beplanten. Waarschijnlijk komt er een koerswijziging waarbij de nadruk niet meer ligt op vlakgroen maar op ecologische en recreatieve verbindingen. De regio staat de komende jaren voor de uitdaging om in ieder geval te voorzien in groen op een bereikbare afstand van groepen inwoners. Een belangrijke maatregel is daarbij de aanleg van een netwerk van wandel- en fietspaden.
Groen in de gebouwde omgeving
Stedelijk groen wordt als minder natuurlijk ervaren, hoewel uit onderzoek van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu blijkt dat het niet minder belangrijk is dan groen buiten de stad. Stedelijk groen wordt juist steeds belangrijker, vooral voor stedelingen die niet of nauwelijks in het buitengebied komen. Voor deze bevolkingsgroep is met name het groen in de directe woonomgeving en het buurtgroen van belang. Dit groen draagt bij aan de sociale cohesie binnen een buurt. Op dit moment is er voor het monitoren van stedelijk groen geen indicator.


